
Een plek die niet bestond
Kijk over het Amersfoort van 1671 vanuit een plek die eigenlijk niet bestond.
Lees meer
Een felle blikseminslag zette de Onze Lieve Vrouwetoren in brand. Timmerman Lenaart Nicasiusz redde de stad van een ramp.
Donder, bliksem en een enorme klap. Zo moet de avond van 7 februari 1651 eruit hebben gezien in Amersfoort. Midden in de stad stond de Onze Lieve Vrouwetoren, toen nog met een houten spits. Toen de bliksem insloeg, ontstond al snel een grote brand. De vlammen sloegen hoog uit en de toren dreigde verloren te gaan.
Voor de inwoners van Amersfoort was dat een angstig moment. De toren was toen al het herkenningspunt van de stad. Als het vuur zich verder zou verspreiden, kon de schade enorm worden.
Terwijl veel mensen toekeken, stond één man op. Timmerman Lenaart Nicasiusz twijfelde geen moment. Met een bijl in zijn hand klom hij naar boven, recht richting de brandende toren.
Daar hakte hij de brandende spits los om te voorkomen dat het vuur zich verder verspreidde. Het was gevaarlijk werk. Toch zette Nicasiusz zijn eigen leven op het spel om de stad te beschermen. Dankzij zijn snelle optreden bleef de toren behouden en voorkwam hij een grotere ramp in het hart van Amersfoort.
De volgende dagen ging het in Amersfoort bijna nergens anders meer over. Iedereen kende het verhaal van de timmerman die de brandende toren in was geklommen. Nicasiusz werd gezien als de man die de stad had gered.
Het stadsbestuur wilde hem daarom op een bijzondere manier bedanken. Hij kreeg een nieuw kostuum, vijftig gulden en een pensioen. Voor een gewone timmerman was dat een uitzonderlijke beloning.
Ook kreeg hij een eervolle opdracht: De stad vroeg hem om zelf een nieuwe torenspits te bouwen voor de Onze Lieve Vrouwetoren. Vier jaar lang werkte Nicasiusz aan het herstel van de toren. In 1655 was de nieuwe spits klaar en kreeg de toren weer zijn vertrouwde plek boven de stad.
Ook kunstenaar Jacob van Campen raakte onder de indruk van de gebeurtenis. Kort na de brand schilderde hij een portret van Nicasiusz. In zijn handen houdt hij een bijl en een emmer water. Op zijn kleding zijn nog spetters van gesmolten lood te zien. Achter hem brandt de toren nog na. Onderaan het schilderij staat een uitleg over de brand, geschreven in het Nederlands en het Latijn.
Zo bleef het verhaal van Lenaart Nicasiusz niet alleen bewaard in de geschiedenis van Amersfoort, maar ook op doek.

Kijk over het Amersfoort van 1671 vanuit een plek die eigenlijk niet bestond.
Lees meer
Napoleon bezocht Amersfoort in 1811. De stad hoopte op een historisch moment, maar de keizer had vooral haast.
Lees meer
Boven een bakkerij in Amersfoort hielpen jonge vrouwen het verzet via een geheime telefooncentrale.
Lees meer